Glazen winter

De kolenkachel snort allang niet meer, met de dubbele beglazing en de thermostaat is de ijsbloem verdwenen, het glas wordt nooit meer zo koud als het was.Weg is de verwondering, die prachtige schildering op het raam, je blies er tegen aan en de warmte van je adem stilde in een druppel ijs. Glazen winter, aangewakkerd door makkers die hun wild geraas moesten staken, gebonk op de deur gevolgd door een onverwacht gevulde zak met lekkers en cadeautjes. Daarna vielen vlokken witter dan wit en stonden houten figuren pal in de kerststal.De herinnering is brekelijk en fragiel, een ijsboeket in een wankele vaas.

Schrijver: Fred, 7 nov. 2010

 
 

foto_bij_gedicht_januari.jpg